Wet BOPZ

De Wet Bijzondere opneming in psychiatrische ziekenhuizen  (Wet Bopz) biedt onder bepaalde voorwaarden mogelijkheden om iemand met een psychiatrische stoornis tegen zijn wil zorg te laten aanvaarden. Die zorg hoeft niet altijd uit een opname te bestaan. Er kan ook ambulante zorg worden opgelegd.  In de wet BOPZ zijn vier bepalingen opgenomen die in onderstaand schema zijn opgenomen. Het gaat om een:

  • voorlopige machtiging/rechtelijke machtiging;
  • voorwaardelijke machtiging;
  • inbewaringstelling;
  • zelfbindingsverklaring.

 

Het gevaarscriterium
Een onvrijwillige opname is een ingrijpende maatregel. De maatregel kan alleen genomen worden als aan de criteria zoals genoemd in de wet Bopz wordt voldaan. Een van die criteria is dat de betrokkene een gevaar voor zichzelf of de samenleving vormt . Het blijkt dat hulpverleners het criterium ‘de betrokkene veroorzaakt gevaar’ vaak te nauw interpreteren en daarom geen voorlopige machtiging aanvragen bij de rechter. ‘Gevaar’ –  is in de wet Bopz echter soms ruimer dan veel professionals denken. De rechter beoordeelt wat gevaar is. Veroorzaakt iemand bijvoorbeeld overlast waarmee hij de psychische gezondheid van anderen in gevaar brengt (omdat er sprake is van totale ontreddering bij betrokkenen), dan kan dat grond zijn om een voorlopige machtiging af te geven. Daarnaast noemt de Wet Bopz ook als gevaarscriterium ‘het gevaar dat betrokkene maatschappelijk te gronde gaat’. Gevaar is te verstaan als: de kans op onheil. Het moet daarbij gaan om een voldoende ernstig gevaar. Dit heeft twee aspecten. Ten eerste gaat het om hoe waarschijnijk het is dat het gevreesde onheil optreedt. Het tweede aspect is de ernst van de gevolgen als het gevreesde onheil optreedt. De Hoge Raad heeft het eerste aspect als volgt onder woorden gebracht: “’Gevaar’ is er niet pas, wanneer het onheil waarschijnlijk is; anderzijds is het er ook niet reeds wanneer het slechts mogelijk is. Vereist is een enigszins belangrijke mogelijkheid, een ernstige mogelijkheid.

Maatschappelijke teloorgang
Bij mensen met verwarde gedrag  is regelmatig sprake van maatschappelijke teloorgang. Bij de rechter wordt verwaarlozing in combinatie met het gevaar voor maatschappelijke teloorgang vaak aangevoerd als onderbouwing van de stelling dat iemand een gevaar voor zichzelf is. Overleg bij twijfel in elk geval met de officier van justitie.

Psychisch functioneren ernstig verstoord door verslaving
Veel verwarde personen kampen ook met ernstige verslavingsproblematiek. Niet meer dan eens wordt de discussie gevoerd wat bovenliggend is aan het gedrag van  de verwarde persoon. In geval van drugs- en alcoholverslaving is onder de wet Bopz opname soms mogelijk wanneer het psychisch functioneren door de verslaving of door een bijkomend psychiatrische aandoening ernstig verstoord is en gevaar veroorzaakt. Dit is het geval wanneer (de samenhang van) denken, voelen, willen, oordelen en doelgericht handelen zo zijn ontwricht, dat de betrokkene een willoos werktuig wordt (HR 25 september 2005, 35).