Implementatie door samen te werken

Randvoorwaarden om te slagen: gedeeld eigenaarschap, vrije regelruimte en  ‘durf’

De aanpak van verwarde personen kan alleen effectief zijn als dit gebeurt vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid en eigenaarschap. Partijen moeten samen eigenaar zijn van het wegnemen van de bedreiging die de verwarde persoon voor zichzelf, een ander of de openbare orde en veiligheid vormt. Dit vergt een ‘verbod’ op kokerkijken en –denken, evenals unaniem commitment van alle ketenpartners op bestuurlijk en directieniveau. . 

Elke partij is verantwoordelijk voor het uitvoeren van zijn eigen (wettelijke) taken en bevoegdheden en is kritisch op het uitzetten van acties die niet reëel zijn of buiten wettelijke kaders vallen. Aan de andere kant is echter ook durf en ruimte nodig  om in de aanpak van verwarde personen tot een doorbraak te komen.  De bereidheid en mogelijkheid om out of the box denken,  sensitiviteit voor maatschappelijke gevolgen te hebben, minder naar de letter en meer naar de geest van wet- en regelgeving te handelen,  evenals minder de nadruk te leggen op rechtmatigheid en meer op doelmatigheid.  Dit vergt het kunnen opereren in een meer  ‘regelvrije ruimte’.

Leemtes en ‘systeemfouten’ adresseren

Belemmeringen, knelpunten en leemtes op systeemniveau zullen met het werken volgens het Handboek meer eerder en  duidelijker aan de oppervlakte komen. Dit vormt input voor duurzame oplossingen. De input wordt zowel op landelijk als lokaal niveau geadresseerd. Op landelijk niveau bij het ‘aanjaagteam verwarde personen’ en op lokaal niveau bij de advies- en stuurgroep van het Veiligheidshuis.

Handboek tot leven brengen door samen te werken

Dit Handboek gaat pas leven als je er samen mee werkt. Dan pas kun je een gedeelde verantwoordelijkheid ervaren en nemen. Dan pas draag je ‘echt’ kennis en expertise aan elkaar over en ontstaat de ‘durf’ om vanuit mogelijkheden beslissingen te nemen. Ook dan pas krijg je nog beter in beeld waar  de ‘crux’ zit, welke leemtes er zijn, wat we anders moeten doen.

De implementatie van het Handboek kan alle betrokken professionals helpen om mensen met verward gedrag eerder op te sporen en in gezamenlijkheid effectief aan te pakken. Het  zwaartepunt ligt hierbij vooral op het versterken van het lokale veld – de sociale (gebieds)teams en gemeenten -, door overdracht van kennis en expertise, evenals het komen tot doorbraken in geëscaleerde  zaken die blijvend vastlopen.

De professionals die betrokken zijn of worden bij de geëscaleerde zaken die blijven vastlopen gaan met elkaar oefenen met het Handboek als basis.

De meeste lokale gebiedsteams zijn op 1 januari 2015 gestart en stonden/staan in het teken van het goed organiseren en uitvoeren van de transities. Na de transitie komt ruimte voor transformatie. De gebiedsteams in Friesland hebben elk hun eigen ontwikkeling. Het ene team is verder dan het andere team. Indien gewenst, kan op basis van een inventarisatie van de stand van zaken worden bepaald of en in hoeverre lokale (gebieds)teams behoefte hebben aan verbreding van kennis en kunde in relatie tot verwarde personen en in bredere zin psychisch kwetsbaren. Het Handboek is hiervoor een geschikte ‘tool’.